Een openbare bibliotheek is basisinfrastructuur voor een democratische en steeds digitaler wordende samenleving

Vorige week meldde de Gelderlander over plannen voor een ‘volwaardige’ bieb in Lienden. Als alternatief voor de Stichting Openbare Bibliotheek Rivierenland waarmee de gemeente Buren de samenwerking heeft opgezegd. De gemeente Buren gaat in zee met het commerciële bedrijf Karmac, want dat zou ‘aanzienlijk goedkoper’ werken dan de regionaal opererende Bibliotheek Rivierenland. Bovendien kunnen er straks maar liefst 5.000 boeken geleend worden. Nou, in Buren zijn ze goed af, zou je dus denken. Dus niet.

Wat speelt er daadwerkelijk?

Omdat de gemeente Buren niet meer financieel wil bijdragen aan die regionale bibliotheek is de contributie voor inwoners van de gemeente Buren die gebruik willen maken van een openbare bibliotheek in een buurgemeente verhoogd. Die andere gemeenten betalen namelijk wel om voor hun inwoners bibliotheekvoorzieningen van de Bibliotheek Rivierenland in stand te houden. Wat logisch is want zij krijgen hiervoor, net als de gemeente Buren, geld van de rijksoverheid. Karmac zou dus een goedkoper alternatief bieden. Ik heb het even uitgezocht. Inwoners van Culemborg, Druten, Geldermalsen, Lingewaal, Maasdriel, Neder-Betuwe, Neerijnen, Tiel, West Maas en Waal en Zaltbommel lenen dankzij de steun van hun gemeentebesturen al vanaf 35 euro per jaar bij Bibliotheek Rivierenland. Karmac vraagt 45 euro.

Burenaren kunnen daarvoor straks uit 5.000 boeken kiezen. Bibliotheek Rivierenland biedt toegang tot een schat aan informatiematerialen. Onder andere door het bibliothecair leenverkeer waardoor boeken en andere media vanuit allerlei, ook wetenschappelijke, bibliotheken te leen zijn. De Nederlandse openbare bibliotheken beheren samen 30 miljoen items met jaarlijks 100 miljoen uitleningen onder 4 miljoen leden. De bibliotheken van bibliotheek Rivierenland hebben gratis Wifi en bieden gratis toegang tot informatie via databanken. Heeft men hulp nodig bij het zoeken van een ontspannende roman of informatie over een specifiek onderwerp voor studie dan wel privé? Kun je lastig overweg met de computer of internet? Dan is er de bibliothecaris voor hulp. Juist de functie van deze informatiespecialist is onmisbaar.

Het openbaar bibliotheek netwerk behoort net als onderwijs tot de basisinfrastructuur van onze democratische samenleving. Zonder deze infrastructuur geen zelfredzame mondige burgers met voldoende kennis, vaardigheden en mediawijsheid om zich kritisch en actief staande te houden in een als maar ingewikkelder wordende maatschappij met zijn overdaad aan informatie. Het kunnen lezen en schrijven, en het leren schiften en duiden van informatie zijn daarvoor onontbeerlijk. Nog 1,1 miljoen Nederlanders zijn laaggeletterd. Twintig procent van de Nederlanders kan niet overweg met computer en internet. De samenleving en met name de overheid digitaliseert ondertussen steeds verder. Scholen en bibliotheken, waar goed opgeleide professionals werken, zijn hard nodig.

Sommige lokale politici willen dat nog wel eens uit het oog verliezen. Veel openbare bibliotheken, in grote en kleine gemeenten, zijn de laatste tijd onevenredig hard getroffen door bezuinigingen of zelfs gesloten. Het is dan ook mooi dat net voor de start van de week van de alfabetisering de ministerraad het voorstel van minister Bussemaker voor een nieuwe bibliotheekwet heeft gesteund. Daarin wordt die belangrijke maatschappelijke taak van de openbare bibliotheken vastgelegd en zullen ook gemeenten die bibliotheken sluiten afspraken moeten maken met naburige gemeenten, zodat lezers daar terecht kunnen. Dat betekent vast meebetalen. Ik ben heel benieuwd hoe dat voor de inwoners van de gemeente Buren gaat uitpakken.

Geef mij maar paddenstoelen!

IMG_1832Ik dacht dat ze niet meer bestonden, die ANWB paddenstoelen die fietsers de weg wijzen. Ik herinnerde ze mij van vroeger, maar bij ons thuis in de West-Betuwe ben ik ze niet tegengekomen. Ook in de grote stad, waar ik de eerste ruim dertig jaar van mijn leven doorbracht waren ze volgens mij een onbekend fenomeen. ANWB paddenstoelen staan voor mij synoniem aan het fietsen in de vrije natuur gevoel. En tijdens onze vakantie in Twente struikelden we er over. Nou ja, struikelen is als je fietst natuurlijk niet het goede woord maar dit moet natuurlijk ook niet al te letterlijk worden genomen. Het is denk ik wel duidelijk wat ik bedoel.

In Nederland zijn heel wat fietsroutes uitgezet. Er is zelfs een heus fietsknooppunten netwerk waarvan het de bedoeling is dat dit over Nederland wordt uitgerold. Een paar jaar geleden waren wij hier in Tricht en omgeving ook aan de beurt en verschenen overal paaltjes met nummers en op sommige plekken ‘knooppunten’ borden met plattegronden. Ook in mijn dorpje Tricht. En er werden zogenaamde ‘top’s’ gerealiseerd. Toeristische overstap punten waar je je auto parkeert en de fietsen van de fietsendragers haalt om vervolgens een fietsroute naar keuze te volgen. Met behulp van al die nummers. In de gemeente Geldermalsen hebben we ook zo’n Top, bij het pannenkoekenrestaurant de Stapelbakker op Mariënwaerdt in Beesd.

Op de een of andere manier heeft deze manier van bewegwijzering mij altijd een beetje tegengestaan. Waarom? Daar kon ik nooit precies de vinger op leggen. Tot wij deze zomer in het Overijsselse Diepenheim op de camping stonden, een fiets huurden en ik eropuit trok voor tochtjes in de omgeving. Het was niet alleen genieten van de rust en de natuur, ook een beetje een geval van ‘memory lane’. In een toch alweer enigszins ver verleden woonde ik namelijk in het nabij Diepenheim gelegen plaatsje Goor. En reed ik vlak langs de camping (die toen vast nog niet bestond) over de weg van Goor naar het Achterhoekse Neede. Want daar was ik werkzaam bij de plaatselijke openbare bibliotheek. In wat destijds een tweelingbaan heette (samen met mijn ’tweeling’ Jan Kalsbeek was ik hoofd van de bibliotheek) en nu bekend is als duobaan. Heel vooruitstrevend trouwens daar in het Achterhoekse van dertig jaar geleden. Het was zelfs zo vooruitstrevend dat ik na de geboorte van de oudste hem gewoon mee mocht nemen naar mijn werk. Wat ook wel zo’n beetje de enige manier was om te kunnen blijven werken want van kinderopvang hadden ze toen nog geen kaas gegeten in die contreien.

Maar ik dwaal af.

Ik wilde het hebben over het fietsknooppunten netwerk dat vanuit België (waar het idee geboren is)ook Nederland aan het veroveren is. En wat bij mij enige aversie opriep waar ik de reden niet zo van kon bedenken. Tot ik weer zo’n mooie ANWB paddenstoel tegenkwam toen ik vanaf onze camping naar mijn voormalige woonplaats Goor wilde fietsen. Enigszins verweerd wit met rode pijlen die de weg wezen richting de daarboven vermeldde plaatsen met achter die plaatsnamen het aantal nog te fietsen kilometers. En dan niet afgerond op hele kilometers. Nee, het werd mij duidelijk dat het vanaf de camping 6,4 kilometer fietsen was naar Goor. Iets verderop bij de volgende paddenstoel was het nog maar 6,0 kilometer, en weer iets verder 5,4 kilometer. Heerlijk, ik fietste naar een echte plaatsnaam en niet louter een nummer. En het aantal te fietsen kilometers werd mij ook nog eens vrij nauwkeurig verteld. Toen drong het opeens tot mij door waarom dat fietsknooppunten netwerk mij zo tegen staat. Het is zo onpersoonlijk om van nummer tot nummer te rijden. Je weet niet eens meer waar je bent. Met behulp van de ANWB paddenstoelen doe je echter automatisch geografische kennis op. Heb je een beeld van je plek en je verplaatsingen op de aardrijkskundige kaart. Heerlijk educatief en dat gecombineerd met een beetje sportief bezig zijn.

Geef mij dus maar van die paddenstoelen!

Polderblindheid in Geldermalsen

De Provincie Gelderland heeft vergevorderde plannen om langs de Rijksstraatweg tussen Geldermalsen en Culemborg een vrij liggend dubbelzijdig fietspad aan te leggen. Voor fietsers zal het zeker aangenamer fietsen worden. Over de aanpak van de verkeersveiligheid voor automobilisten, met name op de kruising Rijksstraatweg/Oude Hoevenseweg, heb ik echter mijn twijfels. Regelmatig vinden hier ongelukken plaats, sommigen zelfs met dodelijk afloop. Het meest recente ongeval dateert van 3 juli. Met in ieder geval ziekenhuisopname tot gevolg.

992434_

http://www.nieuwsbladgeldermalsen.nl/lokaal/auto_in_sloot_bij_ongeval_buurmalsenbuurmalsen___woensdag_3_juli_aan_het_eind_van_de_middag_werden_2448430.html

Tijdens de gebruikelijke inspraakprocedure voor de Provinciale fietspadplannen werd de kruising door diverse inwoners, en ook op initiatief van mijn eigen D66 fractie door de gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Geldermalsen, opgevoerd als zijnde een gevaarlijk punt waarvoor toch een betere oplossing bedacht zou moeten worden dan in de plannen van de provincie was opgenomen. Bijvoorbeeld door een rotonde aan te leggen. Al deze ‘zienswijzen’, zoals dat in ambtelijke taal zo mooi heet, hebben echter de provinciale plannenmakers niet op andere gedachten weten te brengen. Met het aanbrengen van betere belijning en geleiding denken ze dat de kruising voldoende veilig wordt. Het is bovendien goedkoper dan een rotonde.
Ik heb er een hard hoofd in.
Een van mijn vele neven (mijn moeder kwam uit een gezin met 10 kinderen) was begin jaren zeventig van de vorige eeuw werkzaam bij de politie in Emmeloord. Daardoor leerde ik het begrip ‘polderblindheid’. Destijds bestond de doorgaande weg door de Flevopolders uit een tweebaansweg. Regelmatig vonden op die weg dodelijke ongelukken plaats en mijn neef moest daar beroepshalve naar toe. Heftige gebeurtenissen. De aanrijdingen ontstonden meestal doordat bij het inhalen tegenliggers over het hoofd werden gezien. Op een lange rechte weg in het ‘polder’ landschap bleek men vaak inschattingsfouten te maken voor wat betreft de afstand tot tegenliggers. Of men zag ze zelfs compleet over het hoofd. De polderblindheid. Dit soort ongelukken behoren gelukkig alweer langere tijd tot het verleden: er ligt een keurige vierbaans snelweg vanuit ’t Gooi en Amsterdam naar Friesland.
Wat dit te maken heeft met de kruising op de Rijksstraatweg?
De vele ongelukken die daar de afgelopen jaren plaatsvonden riepen bij mij de vraag op hoe het nou toch mogelijk is dat iemand deze kruising over het hoofd ziet. Ik meende eerst dat het zicht wellicht beperkt werd door een Peppelbos dat op een van de hoeken van de kruising stond. Echter, nadat de bomen waren gekapt bleven er ongelukken gebeuren. Zelf gebruik ik met enige regelmaat de Rijksstraatweg, maar ik steek hem eigenlijk nooit over via de Oude Hoevenseweg. Dus besloot ik dat onlangs toch maar eens te doen. En daardoor denk ik het probleem van deze kruising te begrijpen.
Sinds de evacuatie in 1995 besef ook ik dat wij hier in een polder wonen, weliswaar wat ouder dan de polders in de voormalige Zuiderzee, maar toch. Het viel mij op dat rijdend over de Oude Hoevenseweg je door het (polder)landschap om je heen en in de verte helemaal niet het idee hebt dat je een provinciale weg nadert. Wat kan verklaren dat je de kruising veel te laat opmerkt. Soms gaat het dan nog net goed, soms gaat het helaas fout.
Door polderblindheid, de Geldermalsense variant daarvan.
Ik geloof dan ook dat de redelijk simpele maatregelen in de plannen van de Provincie niet afdoende zullen blijken te zijn. Ik geloof er wel in dat je altijd beter kunt voorkomen dan genezen. We hebben tot nu toe, ondanks de vele ingebrachte bezwaren van inwoners, en de extra zienswijze van gemeenteraad en college van burgemeester en wethouders, de Provincie niet weten te overtuigen. Ook als gemeentebestuur heb je kennelijk weinig invloed op ‘hogere’ instanties.
Dat frustreert.
Ik wil liever niet in die frustratie blijven hangen.

Dus als het niet linksom kan dan maar rechtsom. Laten we het nog maar eens op een andere manier proberen.

Op 14 mei werd het meldpunt veilig verkeer gelanceerd. Via www.meldpuntveiligverkeer.nl of een speciale app kunnen onveilige situaties gemeld worden en helpt Veilig Verkeer met het eventueel ondernemen van acties richting de wegbeheerders. En biedt mogelijkheden om via sociale media buurtgenoten te vragen ook melding te maken van de gevaarlijke situatie. De beruchte kruising lijkt mij meer dan waardig om hier door zoveel mogelijk mensen gemeld te worden. Hoe meer meldingen hoe meer kans dat de Provincie de aanleg van een rotonde opnieuw wil overwegen.
Ik ga een melding maken. Wie doet mee?

Wie ‘cocreëert’ mee in politiek café Geldermalsen over de Centrumkerk?

De plannen voor bovengrondse uitbreiding van de Centrumkerk aan de Kerkstraat in Geldermalsen houden de gemoederen druk bezig. De wens tot uitbreiding leeft bij het kerkbestuur al meer dan tien jaar. Men wil de kerkelijke activiteiten concentreren bij de Centrumkerk en het pand Ons Huis aan de Herman Kuijkstraat afstoten. Diverse plannen passeerden in de loop der tijd de revue. Over bovengronds bouwen aan de noordzijde van de kerk werd steeds negatief geoordeeld door de gemeentelijke monumentencommissie en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Het zou het Rijksmonument te veel aantasten. Voor het deels ondergronds bouwen, waardoor de kerk vanaf de Lingezijde wel goed zichtbaar blijft, zegt het kerkbestuur echter over te weinig financiële middelen te beschikken.
De gemeente wilde als lokale overheid tot nu toe alleen meewerken aan een deels ondergrondse uitbreiding, het kerkbestuur bleef vanuit kostenoverwegingen vasthouden aan bovengrondse uitbreiding. Dat leek een patstelling op te leveren. Alternatieven werden kennelijk niet serieus overwogen, kwamen in ieder geval niet op tafel.
De ‘oude’ plannen voor bovengrondse uitbreiding zijn nu opnieuw leven ingeblazen en bij de gemeente ingediend. Met als argumentatie dat deze noodzakelijk zijn om de Centrumkerk ook in de toekomst te kunnen onderhouden. Het huidige college van burgemeester en wethouders van Geldermalsen toonde zich, in tegenstelling tot al haar voorgangers, in principe wel bereid de plannen in behandeling te nemen. Ondanks wederom negatieve adviezen vanuit de monumentenhoek. De plannen werden ter informatie, maar vooral ook om af te tasten of er uiteindelijk een meerderheid voor zou zijn te vinden in de gemeenteraad, op 7 mei besproken in de commissie grondgebied.
Duidelijk werd dat de plannen worden gesteund door de twee christelijke partijen in de gemeenteraad, het CDA en de SGP. In mindere mate is er echter tot onze verbazing ook steun van Dorpsbelangen, de VVD en de PvdA. Al hebben deze partijen nog wel aanmerkingen op het ontwerp, de procedure voor het bovengronds bouwen mag van hen doorgaan. Alleen ons commissielid Ron Groenewegen gaf duidelijk aan dat de plannen voor D66 niet acceptabel zijn en adviseerde dan ook deze niet in de procedure te brengen. Het bovengronds bouwen tast het aanzicht van de kerk in onze ogen wezenlijk aan. Wij vinden het dan ook ontzettend jammer dat in de commissie niet heel duidelijk door een meerderheid is gesteld dat bovengronds bouwen echt een brug te ver is.
Nu de procedure voor bovengrondse uitbreiding doorgezet wordt, roeren zich de tegenstanders. De nuance lijkt daarbij soms wel enigszins zoek. Boute uitspraken worden niet geschuwd. Of dit behulpzaam is om tot een bevredigende oplossing te komen is daarbij nog maar de vraag.
Over wat mooi of lelijk is valt natuurlijk genoeg te twisten. En er worden ook wel zaken goedgekeurd door monumentencommissies die menig burger (en gemeenteraadslid) niet begrijpt. In het geval van de uitbreiding van de Centrumkerk lijkt het er op dat we moeten geloven dat er alleen de keus is tussen een ‘beschadigde’ kerk en geen kerk. Bovengronds uitbreiden is echter geen garantie voor het voortbestaan van de kerkelijke gemeente, waaraan de instandhouding van de kerk wordt gekoppeld. Onze samenleving heeft te maken met verder teruglopend kerkbezoek: secularisatie. Een doorn in het oog van sommigen maar wel realiteit. Waar de Rooms-katholieke kerk al jaren met leegstand en sluiting van kerken te maken heeft gaat dit ook steeds meer bij de Protestantse Kerken van Nederland (PKN) spelen. Het is dan ook de vraag hoe lang de huidige kerkgemeenschap van de Centrumkerk blijft bestaan. Daarbij wordt in de discussie ook nog eens vergeten dat de gemeente Geldermalsen al mede-eigenaar van de kerk is (de toren) en dus medeverantwoordelijk voor een deel van het onderhoud. En dat ook zonder ‘kerk’ een kerkgebouw kan voortbestaan. In Maastricht is een mooi voorbeeld te vinden van een boekwinkel gevestigd in een kerkgebouw.
Vanaf de Middeleeuwen is men er in Geldermalsen in geslaagd dit monument in stand te houden. Waarom zouden toekomstige generaties in een zo welvarend land als Nederland dit niet kunnen? Laten we dat mooie gebouw dan ook vooral zichtbaar houden en niet verder afbreuk doen aan een van de weinige echte monumenten die het dorp Geldermalsen nog rijk is. Wij roepen dan ook op om met elkaar, als kerkelijken en niet-kerkelijken, alternatieven te zoeken. En daarbij creatief te zijn en zeker ook de samenwerking te zoeken met bijvoorbeeld lokale ondernemers of verenigingen. En het ligt voor de hand om als PKN kerken van Geldermalsen samen te werken want het tij van terugloop van leden zal naar verwachting niet keren. Voor de PKN kerken in Geldermalsen die nu moeite hebben hun kerk en kerkgebouwen overeind te houden, zou je zeggen dat samenwerken niet alleen nuttig maar zelfs noodzaak is. Behoud van de monumentale Centrumkerk, met een ondergrondse uitbreiding tot kerkelijk centrum, zou financieel wellicht haalbaar zijn als men als gezamenlijke Geldermalsense PKN kerken de hoofden bij elkaar steekt en een visie durft te ontwikkelen op een gezamenlijke toekomst.
Net als voetbalclubs lijkt dit bij kerken, ook al behoren ze tot hetzelfde kerkgenootschap, uiterst gevoelig te liggen. Toch roepen wij hier als D66 toe op want de nu door het kerkbestuur ingeslagen weg zal ons inziens op een desillusie uitlopen. Met de nu ingediende plannen wordt het Rijksmonument dat de Centrumkerk is blijvend veranderd in negatieve zin, daar is iedereen het in feite over eens. De achterban van een aantal politieke partijen die ‘ja mits’ zeiden roert zich al. Of er straks een meerderheid in de gemeenteraad te vinden is voor de plannen is nog maar zeer de vraag. Mocht dit onverhoopt wel zo zijn dan staan omwonenden en andere belanghebbenden die officieel bezwaar aantekenen sterk als zij, op grond van de afgegeven negatieve adviezen, het belang van het monumentale pand voorop stellen. Al met al betekent dit een lange procedure, uitstel en waarschijnlijk uiteindelijk afstel. Het kost geld, tijd en levert een hoop frustraties en wellicht rancunes op. Daarmee is niemand gediend. Laten we onze energie nuttiger besteden en die met elkaar steken in het vinden van alternatieven zodat het laatste restant van de middeleeuwse cultuurhistorie in Geldermalsen intact gelaten wordt.
Wie kan een beter onderwerp verzinnen voor cocreatie dan dit? Wij stellen dan ook voor om komende maand, net als bij de succesvolle actie voor het opknappen van het vlakbij de Centrumkerk gelegen plantsoen, hiermee een start te maken tijdens een politiek café in Le Melangeur.

Heeft u even?

Over het MFC/ECG, ‘framen’ en gemeentefinanciën

Er is en wordt nog steeds heel veel gezegd en geschreven over het besluit van de gemeenteraad van Geldermalsen om een multifunctioneel centrum in combinatie met een gezondheidscentrum (het befaamde maar in de ogen van sommigen ook wel beruchte MFC/ECG) te bouwen naast de brandweerkazerne aan de Rijksstraatweg in Geldermalsen. Vooral tegenstanders roeren zich voortdurend.  Onlangs nog met een ingezonden brief in het Nieuwsblad Geldermalsen waarin gesproken wordt over de publieke en de ondernemende gemeente. Een goed bedachte frame.

In Nederland is in de politiek het ’framen’ tegenwoordig een veelgebruikte manier om je gelijk te halen. Een fenomeen overgewaaid vanuit de Verenigde Staten, waar men in velerlei opzichten – en niet altijd positief – op Europa en Nederland vooruit loopt. Noem iets bijvoorbeeld een ‘linkse hobby’ of zeg dat een politicus ‘draait’ en je bent al snel uitgepraat. Framen is in feite het versimpelen van ingewikkelde zaken waar vaak moeilijk iets net zo simpels tegen in te brengen is. Al doen een aantal journalisten wel hun best om de facts te checken waardoor sommige op het eerste gezicht heel logisch lijkende frames onderuitgehaald worden. Want bijna niets is zo simpel als een ‘frame’ doet vermoeden.  Helaas voeren die simplificaties wel de boventoon in het publieke debat over tal van zaken. Waaronder ook de discussie over het MFC/ECG in Geldermalsen.

Als D66 stemden wij in 2012 niet zomaar in met de plannen voor dat MFC/ECG. Er ging heel wat aan vooraf. Het MFC/ECG afserveren, zoals fervente tegenstanders nu nog steeds doen, met de stelling dat dit een ondoordacht en onverantwoord plan is doet geen recht aan de jarenlange discussie in en buiten de gemeentelijke politiek, de vele onderzoeken en de overleggen en afspraken met mogelijke/toekomstige gebruikers die aan het besluit in 2012 tot de bouw vooraf is gegaan. Het hoe en waarom uitleggen gaat niet in een paar zinnen.

Heeft u dan ook even?

Er waren voor- en tegenstanders van het MFC/ECG, zowel in als buiten de gemeenteraad. Het uiteindelijke besluit is wel met een meerderheid van stemmen door de gemeenteraad aangenomen. Er worden natuurlijk veel meer besluiten genomen door een gemeenteraad. En vaak zijn er voor- en tegenstanders. Zo zijn er ook besluiten genomen waar wij als D66 niet mee konden instemmen. Zo werkt het nu eenmaal in onze (representatieve) democratie: besluiten worden genomen met een meerderheid van stemmen. Liefst met een zo groot mogelijke meerderheid natuurlijk, want dan wordt een besluit echt ‘gedragen’ zoals dat zo mooi heet. Maar ook de helft plus een is een meerderheid.

Ik hoef alleen maar de plannen voor de stationsomgeving oost in herinnering te brengen. De plannen voor de bouw van circa honderd woningen die op die plek in onze ogen niet alleen misstaan maar ook concurreren met van de bouw van woningen in de Plantage hebben we niet tegen kunnen houden. Een meerderheid in de gemeenteraad durfde dat bij het definitieve besluit in 2010 niet aan. Gedane zaken nemen geen keer, dus hebben wij het besluit gerespecteerd en hadden en hebben we het er niet meer over, behalve deze ene keer dan.

Het besluit dat genomen is over het MFC/ECG zou op dezelfde wijze gerespecteerd kunnen worden maar lijkt een ander leven beschoren. Te pas en te onpas worden binnen en buiten de gemeenteraad pogingen ondernomen om het besluit onderuit te halen. Helaas is daarbij de nuance vaak zoek. Sommigen voeren de huidige economische crisis en de daarmee samenhangende financiële situatie van de gemeente Geldermalsen aan als reden om dit besluit steeds weer opnieuw ter discussie te stellen. Anderen vinden dat de gemeente niet hoort te ‘ondernemen’ en dus geen gezondheidscentrum zou mogen bouwen. Ook de gekozen locatie oogst nog steeds kritiek. Men is voor een MFC, maar dan wel in het centrum van Geldermalsen.

Om maar met dat laatste te beginnen: al een paar jaar geleden is gekozen voor die plek buiten het centrum van Geldermalsen. Waarom? Simpelweg omdat de meerderheid in de gemeenteraad er niet meer geld voor over had. Grond buiten het centrum is goedkoper en daarmee ook de bouw van het multifunctioneel centrum met daarin de openbare bibliotheek en ruimtes voor lokale verenigingen en welzijnsorganisaties. Toen dat besluit eenmaal gevallen was bleek de bouw financieel nog steeds niet haalbaar. Pas door het MFC te combineren met het initiatief voor een gezondheidscentrum, waardoor de kosten voor ruimtes zoals trappen, lift, toegangsruimte en toiletten gedeeld konden worden, bleek de bouw binnen het al jaren geleden door de gemeenteraad beschikbare en later nog naar beneden bijgestelde budget te passen. Een MFC in het centrum, wij zijn er als D66 helemaal voor, maar daar er in het verleden al geen geld voor was is dat er nu al helemaal niet. Dus gaan we voor een iets mindere maar nog steeds goede oplossing voor de huisvestingsproblemen van onze bibliotheek, verenigingen en welzijnsorganisaties.

Dan de kritiek op de gemeente als ondernemer. De gemeente zou in eerste instantie alleen het MFC deel bouwen, de zorgondernemers het ECG deel. De economische crisis, waardoor zorgondernemers die zich in het gezondheidscentrum willen vestigen via de banken hun deel van het gezamenlijke gebouw niet gefinancierd kregen, gooide roet in het eten. Omdat een meerderheid van de gemeenteraad toch het belang van het MFC/ECG inzag werd besloten om als gemeente ook het gezondheidscentrum te financieren. De kosten hiervan worden straks terugverdiend door de huur die de zorgondernemers gezamenlijk betalen. De bouw van het ECG is volgens bezwaarmakers helemaal niet de taak van de gemeente. De gemeente zou dit bouwen van vastgoed aan de ‘echte’ ondernemers moeten overlaten. Er is echter vastgoed en vastgoed. Net als het MFC wordt een pand met voorzieningen zoals die in het ECG komen ook wel ‘maatschappelijk vastgoed’ genoemd. Maatschappelijk vastgoed zijn gebouwen (soms ook terreinen, denk aan sportvelden) die worden gebruikt om een maatschappelijke (publieke) functie te huisvesten. Zoals onderwijs, sport, cultuur, zorg, welzijn en overheidsorganisaties. Dus scholen, kinderdagverblijven, sportaccommodaties, bibliotheken, dorpshuizen, ziekenhuizen, huisartsenpraktijken, gezondheidscentra, musea, theaters, gemeentehuizen et cetera. Ongeveer een derde van het maatschappelijk vastgoed is eigendom van overheden, vooral gemeenten. Andere zijn eigendom van bijvoorbeeld zorginstellingen, onderwijsinstellingen, woningcorporaties, stichtingen, private vastgoedpartijen en het bedrijfsleven en heel soms van individuen. Investeren in een gezondheidscentrum hoort dus wel degelijk tot de taken van een gemeente. En gezien de taken die op het gebied van zorg en welzijn op de gemeente afkomen is investeren in een MFC/ECG een waardevolle investering die ten goede komt aan de inwoners van onze gemeente. Dat duidelijk maken is een verhaal op zich en zal ik u op dit moment besparen. Maatschappelijk vastgoed staat in ieder geval volop in de belangstelling, in tegenstelling tot de ‘gewone’ kantoorpanden waarvan er vele leeg staan. Maatschappelijk vastgoed heeft een grote strategische en financiële waarde waardoor het ook voor de ‘echte’ ondernemers interessant is. Alleen willen die, in tegenstelling tot een gemeente, er aan verdienen. Waardoor de uiteindelijke exploitatie voor de gebruikers – veelal gesubsidieerde instellingen – duurder wordt. En de rekening daarvan uiteindelijke weer direct (als gebruiker) of indirect (via de gemeentelijke subsidies) bij u als burger terechtkomt.

Dan die zorgen over de gemeentefinanciën. Die delen wij uiteraard. De inkomsten van elke gemeente bestaan grotendeels uit belastingopbrengsten. Als subsidie van het rijk maar ook als kosten (leges) die u betaalt voor een dienst van de gemeente. En met een beetje geluk verdient een gemeente aan grondverkopen voor woningbouw en industrieterreinen om daarmee voorzieningen voor haar inwoners in stand te houden. Het heffen van OZB is afgezien van grondverkoop zo’n beetje de enige manier waarop een gemeente aan extra inkomsten komt.

Een gemeente is verantwoordelijk voor veel zaken. U haalt er uw paspoort en andere zaken waarvoor de gemeente in feite een monopolist is, ergens anders kunt u die niet betrekken. Hiervoor mag een gemeente alleen maar kostendekkende tarieven (de leges) rekenen. Ook voor andere zaken zoals de riolering mag een gemeente niet meer ‘belasting’ van de burger vragen dan wat het kost om de riolering aan te leggen en in stand te houden. Dan zijn er de kosten voor de openbare ruimte. De straten, stoepen, plantsoenen, lantarenpalen en dergelijke. Maar ook voor het strooien bij gladheid en het afval laten ophalen, prullenbakken plaatsen, onderhouden en legen en zwerfvuil doen opruimen. En wat te denken van het onderhoud van scholen en de inrichting van klaslokalen. Dan heb je ook nog de zogenaamde ‘open eind’ regelingen. Zoals de uitkeringen voor mensen die zijn aangewezen op de bijstand en het vervoer van kinderen die naar scholen buiten de gemeente moeten. Waarvan je niet van tevoren weet hoeveel aanspraak hierop gemaakt wordt maar die je wel wettelijk verplicht bent te betalen. Misschien geef je er als gemeente wel meer aan uit dan je van het Rijk ter compensatie binnen krijgt. Dan zijn er ook nog de subsidies voor verenigingen, het welzijnswerk en nog veel meer zaken die ik nu niet zal noemen maar waar je als gemeente niet op kan of liever niet wilt bezuinigen. Waar het geld dat ‘overblijft’ voor niet wettelijk verplichte zaken naar toe gaat bepaalt uiteindelijk de gemeenteraad, de lokale politici.

Die gemeentefinanciën worden gecontroleerd door de Provincie en ook door onafhankelijke accountants. De conclusie was onlangs nog dat het huishoudboekje van de gemeente Geldermalsen goed op orde is. De inkomsten en uitgaven zijn met elkaar in balans (en daarin is dus ook de financiering van het MFC/ECG meegenomen), ook op de lange termijn. Er was naast bezuinigen een grote OZB verhoging voor nodig om dit evenwicht ook voor die lange termijn te bewerkstelligen. Wij zijn als D66 niet automatisch voor OZB verhoging. In Geldermalsen voorkwamen we met de vorig jaar besloten OZB verhoging in onze ogen echter niet te verantwoorden bezuinigingen op met name onze lokale organisaties en voorzieningen. En met onze OZB tarieven behoren wij nog lang niet tot de top in Nederland dus laten we niet al te dramatisch doen. Het leverde trouwens wel aardige ‘framing’ statements op. Zoals de ‘zakjes drop’ en ‘kratjes bier’ vanuit de ‘linkse’ hoek en de verhogingen van de OZB met maar liefst 80 % tot 100 % vanuit de ‘rechtse’ hoek. Al is al dat links en rechts gedoe natuurlijk ook weer gewoon ‘framen’.

Wat niet goed is aan de gemeentefinanciën is de zogenaamde reservepositie van de gemeente. Geldermalsen heeft een hoop waardevolle grond in de nieuwbouwwijk de Plantage in eigendom die momenteel minder snel verkocht wordt dan gepland. Waardoor we de waarde van die grond zouden moeten ‘afschrijven’, terwijl deze in feite – in de toekomst – geld kan gaan opleveren. Dat verplicht afschrijven is wel slecht voor onze reservepositie. Het is een probleem waar heel Nederland mee te maken heeft en dat een aantal gemeenten zoals Geldermalsen met veel bouwgrond in bezit nog harder treft. Het is ook een probleem waaraan door veel mensen hard gewerkt wordt. Deels zijn we daarbij afhankelijk van de politiek in Den Haag, waar men vooralsnog niet de moed heeft te kiezen voor Wonen 4.0, een gezamenlijk plan van alle betrokken partijen (zoals de bouwwereld, woningbouwverenigingen, vereniging eigen huis en makelaars)om de woningbouw in Nederland vlot te trekken. Voor een ander deel gebeurt er lokaal ook het een en ander. Zoals de onlangs gehouden brede Expertmeeting over de grondexploitatie. Een nuttige bijeenkomst waarbij bleek dat in feite binnen de gemeente al heel goed was nagedacht over manieren om de financiële problemen aan te pakken want ook de experts die tot nu toe vanaf de zijlijn hadden lopen roepen kwamen niet met originele en nog niet bedachte oplossingen aandragen.

In feite is dit alles vooral een boekhoudkundig verhaal. Omdat de woningverkoop in de Plantage niet volgens de verwachtingen verloopt, zou de gemeente volgens de geldende accountantsadviezen de waarde van de gronden die zij daar in eigendom heeft, op papier naar beneden moeten bijstellen. Waardoor die eerder genoemde reservepositie slechter wordt. In Den Haag lijkt men nu ook doordrongen van de gevolgen van dit soort boekhoudkundige regels. Gemeenten krijgen nu langer de tijd voordat moet worden afgeschreven. Dat geeft ruimte. En ondanks alle sombere berichten blijkt de woningbouw in de Plantage toch zo slecht nog niet. Het gaat niet zo snel als verwacht maar er worden wel degelijke huizen gebouwd. In 2012 zijn er 98 kavels voor woningen verkocht. Iets minder dan jaren geleden was voorspeld, maar vele malen meer dan de sommigen ons willen doen geloven. Vergeleken met omliggende gemeenten doet ‘De Plantage’ het zelfs bijzonder goed. En dat biedt de gemeente dus (financieel) perspectief.

Waarmee ik weer terugkom op het MFC/ECG. Naast het financieel op orde hebben van de gemeentelijk ‘portemonnee’ is het namelijk ook de taak van een gemeente(bestuur) om te kijken naar wat op de langere termijn van belang is voor haar inwoners. Wetend van de op ons af komende taken in het kader van de AWBZ, Jeugdzorg en WMO en de onvermijdelijke vergrijzing en ontgroening onder onze inwoners hoort investeren in een MFC/ECG daar volgens ons zeker bij. Een MFC/ECG hadden ook wij het liefst in het centrum van het grootste dorp van onze elf kernen gezien maar vanwege de beperkte financiële middelen kunnen wij met de gekozen locatie op de grens met het dorp Meteren prima leven.

 

 

 

 

Over oneliners, kretologie en totempalen

Melvin Könings, voormalig VVD wethouder in Geldermalsen, reageerde op het stuk MFC/ECG ja of nee. Hij stelt dat de huidige OZB stijging nauwelijks tot niet door de huurders wordt opgebracht omdat huurders onder huurbescherming vallen. De huur mag maximaal gemiddeld 3% per jaar stijgen. Huurders vallen inderdaad onder huurbescherming. Voor huurders die nooit verhuizen gaat dit wellicht op. Geconfronteerd met hogere lasten zal een verhuurder/woningbouworganisatie de tering naar de nering zetten. Dat doen ze trouwens nu al. De prijs van nieuw beschikbaar komende bestaande huurwoningen is in onze gemeente de laatste jaren schrikbarend gestegen. Soms met in een jaar tijd wel een meer dan 100 euro hogere huur per maand voor een (sociale) huurwoning. Dat is heel wat meer dan 3%. En het gaat om meer dan alleen huur betalen. Zoals het onderhoud van huurhuizen. Denk aan het debacle van Vestia waardoor geplande renovaties op de tocht staan. Het gaat dan om de kwaliteit van wonen, daar hebben huurders ook mee te maken. En dan nog gaat het bij deze OZB verhoging om een relatief klein bedrag. Voor een gemiddelde koopwoning hebben we het over een verhoging van 150 euro. In een op een gesprekken met inwoners is mij allang gebleken dat hier begrip voor is. Want gratis bestaat niet. En voor een goede voorziening (zoals een goede bibliotheek) hebben veel mensen wel wat extra over.

Lees verder

MFC/ECG ja of nee

Vorige week verscheen een persbericht van de VVD Geldermalsen over het voorstel van het college van B & W van Geldermalsen om de OZB drastisch te verhogen. En over de bezwaren van de VVD betreffende het voorstel tot investeren in de bouw van het Multifunctioneel/Gezondheidscentrum (MFC/ECG) naast de brandweerkazerne in Geldermalsen.

Lees verder

De gymnastiekvakleerkracht

Sport en bewegen staan hoog op de gemeentelijke agenda. Wij bewegen namelijk te weinig. Wat leidt tot overgewicht en allerlei daaraan gerelateerde kwalen die de samenleving door de hoge zorgkosten, (te) veel geld (gaan) kosten. Dus wordt er van alles bedacht om ons, en kinderen in het bijzonder, aan het bewegen te zetten. Breedtesport. Het BIOS project. Combinatiefunctionaris sport…

Er zijn speeltuinen, zwembaden, gymzalen, sportscholen en sportverenigingen. Maar televisie kijken en (spel)computeren lijken te winnen. Hoeveel kinderen spelen nog vaak buiten? Hoeveel ouders brengen nog hun kroost te voet of met de fiets naar school? Daarnaast worden we overal geconfronteerd met calorierijke verleidingen. En krijgen wij en onze kinderen die vaak ongemerkt veel te veel binnen. Zoals met die handig verpakte ‘schoolkoekjes’, je schrikt van het aantal calorieën in zo’n gemaksverpakking.

Ik weet nog, dankzij mijn beste vriendin die destijds de actieposter ontwierp, dat rond 1980 gymnastiekvakleerkrachten actie voerden omdat zij in het basisonderwijs werden afgeschaft.

Hun protest werd niet gehoord. Vanaf 2001 is op de Pabo het vak gymnastiek niet meer verplicht. Met tot gevolg dat er nu veel leerkrachten in het basisonderwijs geen gymlessen mogen geven. De gevolgen voor het gymnastiekonderwijs zijn dramatisch. Als je dat weet doen al die projecten en subsidies die nu beschikbaar komen mij vooral denken aan de spreekwoorden van het kind en het badwater en het kalf en de put.

Maar goed, het geld is er en daar gaan we iets mee doen. Laten we het zo effectief mogelijk inzetten door het gymnastiekonderwijs onder schooltijd te verbeteren. Daarmee bereiken we alle kinderen en niet een selecte groep.

Dat moet wel goed gebeuren. Dus wil ik de gymnastiekvakleerkracht terug op de basisschool!

Hopen en doen (Raadspraat Nieuwsblad Geldermalsen 29 december 2011)

De laatste gemeenteraadsvergadering van het jaar 2011 zorgde voor een uitermate vervelend begin van het politieke kerstreces in Geldermalsen. Helaas moet ik bekennen dat ik, mijn fractie en bijna iedereen met stomheid was geslagen.

Een prima collegevoorstel werd door de oppositie verworpen. Daar kan ik nog inkomen. Dat is vaak een natuurlijke reactie, tegen stemmen omdat je niet in de coalitie zit. Maar dat een coalitiepartner een voorstel, dat nota bene gesteund werd door de eigen wethouder, afwees en daarnaast een ander lid van het college van burgemeester en wethouders, onze D66 wethouder, met geheven vingertje een laatste waarschuwing gaf … dat liet ons sprakeloos.

De gevolgen zijn groot. Groter dan de oppositiepartijen zich hebben gerealiseerd. En dan heb ik het niet over het beschadigen van een wethouder. Ik heb het over de problemen die opdoemen voor welzijnsinstellingen in onze gemeente die belangrijk werk verrichten voor peuters, ouderen en jongeren. Zij worden door eerder genomen besluiten van de raad twee keer zo hard getroffen door bezuinigingen dan andere welzijnsorganisaties en verenigingen. Iets wat destijds bij het nemen van die beslissingen niet voorzien was. Een voorstel om dit te voorkomen is mede dankzij een collegepartij verworpen. De reden? Ik kan er slechts naar gissen. Het was in ieder geval niet in het belang van onze inwoners.

Kerst. Reces. Tijd voor reflectie. Nadenken over de toekomst. Over een financieel gezonde en sociale gemeente die in staat is inwoners die dat echt nodig hebben te ondersteunen. Hiervoor hebben we vooral doordachte keuzes nodig. Nu dubbel bezuinigen op welzijnsinstellingen die we in de toekomst wellicht hard nodig hebben is kortom gewoon dom.

Uit voor u wellicht onverwachte hoek put ik hoop. ,,Als schepselen begiftigd met verstand en geweten mag van ons worden gevraagd dat we dit vertalen in dagelijkse zorg voor de aarde en inzet voor een rechtvaardige samenleving.’’ Aldus onze vorstin. En: ,,Laten wij zeggen wat wij hopen en doen wat wij kunnen.’’ Hoopt en doet u in 2012 met ons mee? Dan bent u elke dinsdagavond welkom op het gemeentehuis om uw hoop kenbaar te maken en met ons te doen wat u kan.

 

Over stilstand, achteruitgang en beslist nu (Raadspraat Nieuwsblad Geldermalsen juni 2011)

Stilstand is achteruitgang. Dit leerde ik tijdens de economielessen op mijn middelbare school maar heb ik eigenlijk nooit zo gesnapt. Gelukkig is een mens nooit te oud om te leren.

In het kader van het Elfdorpenspel heb ik voor mijn werk een rondgang langs bijna al onze dorpen gemaakt en veel inwoners gesproken. Inwoners die zich inzetten voor hun eigen dorp, maar die allen (op Geldermalsen na) dezelfde klacht hebben: er is hier in jaren geen huis gebouwd, die stilstand is niet goed voor ons dorp.

In heel Nederland neemt het gemiddelde aantal bewoners van een huis af. Stilstand in woningbouw levert dus achteruitgang van het aantal inwoners op. Met minder leerlingen op school (als die er tenminste nog is) en krimpende verenigingen. Terwijl juist scholen en verenigingen onze dorpen zo aantrekkelijk maken. Dat er in de dorpen amper gebouwd is komt door de keuze die jaren geleden gemaakt is voor het twee kernenbeleid: voorzieningen en ook woningbouw moesten in Geldermalsen en Beesd komen.

Achteraf toch niet zo’n goede keuze.

Als gemeenteraad staan we nu voor keuzes wat betreft de toekomst van onze gemeente. Financieel zitten we in zwaar weer. Hoe houden wij desondanks onze dorpen leefbaar? Maken we nu de goede keuzes? In ieder geval niet door de subsidies op verenigingen en cultuur en voorzieningen voor de zwakkeren in onze samenleving verder uit te kleden (dat doet de Rijksoverheid al). Wel door sterke dorpsgemeenschappen mogelijk te maken. Dat kan onder andere door te kiezen voor gefaseerde woningbouw in alle dorpen zodat de terugloop in de dorpen stopt en die gemeenschappen sterker worden. Daarvoor mogen wat D66 betreft best gemeentelijke reserves aangesproken worden. Reserves leg je immers aan in financieel betere tijden om indien nodig te gebruiken.

Indien nodig is beslist nu.